Inhuldiging van de kerk

BURGERLIJKE INHULDIGING VAN DE

NIEUWE ORTHODOXE KERK TE OOSTENDE

Op vrijdag 9 februari 2018 werd de orthodoxe kerk van de HH. Kyrillos en Methodios, Goedheidstraat 9 te Oostende, officieel ingehuldigd onder het voorzitterschap van Metropoliet Athenagoras van België. Dit gebeurde enkele dagen nadat de nieuwe kerk door hem kerkelijk was ingezegend (op 3 februari j.l.).

Deze officiële inhuldiging bestond uit een academische zitting in aanwezigheid van heel wat personaliteiten en vrienden van de orthodoxe parochie, w.o. de heren Minister van Staat en de Burgemeester van de stad Oostende Johan Vande Lanotte, mevr. Myriam Vanlerberge (lid van de Bestendige Deputatie van de Provincie West-Vlaanderen voor Erediensten en het Cultureel Patrinomium), dhr. Herman Lodewyckx (Provincieraadslid). De schepen Mevr. Krista Claeys en dhr. Bart Plaschaert, Schepen van de stad Oostende. Nam ook deel aan de inhuldiging is dhr. Paul Breyne, ere-Gouverneur van West-Vlaanderen.

De academische zitting ving aan met een verwelkomingswoord en een toelichting over de historiek van de parochie door Metropoliet Athenagoras van België. Tussen de toespraken die daar op volgden, zong het parochiekoor o.l.v. Stefaan Coudenys enkele liturgische gezangen.

Nadien volgden er korte toespraken gehouden door mevr. Myriam Vanlerberghe, gedeputeerde van de Provincie-West-Vlaanderen en Zeer Eerwaarde Heer Antoon Wullepit, Deken van de stad Oostende, die er het woord nam in naam van de Rooms-Katholieke Kerk. De toespraken waar één voor één inhoudelijk veelbetekend en woorden van lof gericht aan de orthodoxe parochie van Oostende.

Tenslotte gaf Aartpriester Bernard Peckstadt, rector van de parochie, enige uitleg over de inrichting van de nieuwe kerk en richtte Vader Andreas D’hoe een woord van dank aan de belangrijkste medewerkers van dit project.

Nadien volgde een feestelijke receptie in de parochiezaal. Het werd een gezellige avond van ontmoeting en kennismaking met vele mensen.

TOESPRAAK METROPOLIET ATHENAGORAS VAN BELGIË

BIJ DE INHULDIGING VAN DE KERK
KYRILLOS EN METHODIOS

OOSTENDE – 11 februari 2018

Dames en heren in al uw titels en hoedanigheden,

Het is me een waar genoegen u te verwelkomen op deze academische zitting ter gelegenheid van de burgerlijke inhuldiging van deze kerk. Vorige week mochten we deze kerk plechtig inzegenen, samen met Aartsbisschop Job van Telmissos en Bisschop Bartholomeos van Arianze, vele priesters en een grote menigte van gelovigen. Het ging a.h.w. om het plaatsen van relikwieën in de zuil waarop het altaarblad steunt. Deze traditie is gesteund op het historische feit dat na de tijd van de catacomben kerken werden gebouwd op de graven van martelaren. Vanavond zijn we samengekomen voor de plechtige inhuldiging van deze mooi gerestaureerde kerk, die voortaan de orthodoxe kerk is van Oostende, de Koningin der Badsteden.

Maar eerst zou ik het nog even willen hebben over de historiek en het karakter van deze parochie. Het was in 2001 dat uw toespreker – toen nog priester van de Parochie van Brugge – gevraagd werd iets te doen voor de orthodoxe christenen van Oostende. Met de zegen van mijn voorganger, Metropoliet Panteleimon, zijn we toen van start gegaan met een maandelijkse liturgische viering in de Anglicaanse kerk in de Langestraat. De omstandigheden in de Engelse kerk waren niet gunstig, en daarom zijn we verhuisd naar de Protestantse kerk in de Velodroomstraat. Na mijn verkiezing tot hulpbisschop van ons Aartsbisdom, in het jaar 2003, heeft Vader Bernard het pastorale werk in Oostende verder verzekerd, terwijl ik er zelf ook regelmatig Liturgie kwam meevieren. Onder zijn impuls heeft de Parochie onderdak gevonden in een pand – een voormalig kantoor van een gerechtsdeurwaarder – aan de Euphrosina Beernaertstraat. Ondertussen werd ook het liturgisch ritme opgedreven. De parochie ontwikkelde zich en steeds meer kwamen orthodoxe christenen regelmatig naar de diensten, zodat het kleine kerkje gauw te klein werd. Dankzij goede contacten met onze confraters van de Rooms-Katholieke Kerk en zeker met de Deken van Oostende konden we uiteindelijk intrek nemen in deze kerk en mochten we met de steun van de Provincie West-Vlaanderen deze kerk aanpassen aan de normen van de inrichting van een orthodox kerkgebouw. Het resultaat is wat u ziet. Vader Bernard zal straks enige uitleg verschaffen over de inrichting ervan.

 

Wat ik wel nog kwijt wil is dat wij van bij het begin heel sterk het panorthodox karakter van deze Parochie hebben willen beklemtonen; dat het nl. een parochie is van en voor alle orthodoxe gelovigen van de streek, ongeacht hun afkomst en taal. Vandaar dat men in de celebraties naast het overwegend gebruik van de lokale taal ook wat de talen van de traditionele orthodoxe landen zou aanwenden, naargelang de noden. We hebben dus heel bewust een steentje willen bijdragen tot de integratie van de orthodoxe christenen van deze regio, want samen vormen zij één enkele parochiale gemeenschap. We kunnen dus niet spreken van een Griekse, Russische, of Roemeense orthodoxe parochie, maar kortom een Orthodoxe Parochie. De uniciteit van deze parochie vraagt van allen een zekere inspanning tot integratie, maar is voor éénieder een onschatbare rijkdom. Alle aandacht gaat hieruit naar het wezenlijke van het ecclesiale-zijn: en dit is de liturgische dimensie. De orthodoxe liturgische traditie is echter geen vorm van vlucht uit de realiteit of van de maatschappij, maar poogt precies de gelovige te verheffen boven het wereldse levensritme waarin hij dagelijks gedompeld is. En dit is een grootse en moeilijke taak, zeker in de tijd en context waarin we vandaag leven. We leven immers als orthodoxe christenen in een geseculariseerde wereld.

Opmerkelijk is dat niet het atheïsme, maar wel de onverschilligheid de grote uitdaging is in onze geseculariseerde samenleving. Onverschilligheid is vaak een resultante van gelijkvormigheid, omdat ten onrechte elke diversiteit als onbelangrijk en soms wel onaanvaardbaar wordt gezien. Indien alles gelijkwaardig is, kan niets meer als belangrijk worden beschouwd. In het Westen heeft het Christendom zich misschien wel teveel aangepast aan het fenomeen van de hedendaagse secularisatie, terwijl dit in het Oosten eerder gezien werd als een uitwendige invloed. Daarom is de christelijke traditie, zoals bewaard in de Orthodoxe Kerk, kostbaar voor een volwaardige beschouwing van de relatie tussen het Christendom en de secularisatie en uiteraard voor de aanpak van het probleem.

Het orthodoxe Oosten is eveneens niet gespaard gebleven van de secularisatie. Want, is deze crisis immers ook geen crisis van onze Kerken? En toch zei Metropoliet Johannes van Pergamon in een lezing in Balamand (Libanon), dat het feit dat de Kerk haar elementaire tradities en structuur heeft kunnen bewaren, in het gewoel van zoveel invloeden, als een groot mirakel mag gezien worden. Het is altijd moeilijk de grenzen te bepalen tussen de Kerk en de wereld. “Het fundamentele probleem van de Kerk zal erin bestaan van haar identiteit te bewaren, zonder uit de wereld te trekken in een getto”, aldus de gekende theoloog. Hij vindt trouwens dat de Orthodoxe Kerk redenen te over heeft om God te danken! Het is immers beter dat onze Kerk politiek geen macht heeft. Wilt de Kerk slagen in haar roeping, dan moet ze opnieuw worden wat ze eigenlijk is, nl. een plaats waar men herboren wordt, persoonlijk en dus gezamenlijk, in de levenschenkende kracht van de Geest. De Kerk is immers een oord van bezinning en een opening naar de eeuwigheid, maar tegelijkertijd ook een dynamiek van transfiguratie.

Zo beoogt het “profetisch partnership”, waar Olivier Clément het over had, “een andere wijze van aanwezigheid en van relatie met de geseculariseerde samenleving – waar alles verkocht, gekocht en berekend wordt – waarbij wij gratis een realiteit aanbieden die vraagt aanbeden te worden en niet gebruikt”. Wat daar aangeboden wordt is het orthodox liturgisch leven. Dit leven stelt zichzelf voor als getuigenis en hoop. Johannes Zizioulas herinnert er graag aan dat het orthodox liturgisch leven een eigen kijk heeft op de wereld. “De aanvaarding van de wereld in de Liturgie, toont aan dat met de eucharistische visie van de schepping, de wereld nooit opgehouden heeft de wereld van God te zijn; (…) daarom ook moeten de zonde, het bederf en alles wat we zijn en doen langsheen de handen van de celebrerende liturg als een ‘offerande’ aan God worden aangeboden. Niet om te blijven wat het is, maar om datgene te worden wat het werkelijk is, omdat het door de zonde is vervormd”.

Want het probleem van de secularisatie is dat de gemiddelde hedendaagse mens – die zich heeft gedistantieerd van het kerkelijk leven – zich niet meer bewust is van het feit dat wij, om het project en de wil van God te vervullen, uitgenodigd zijn om in ons leven de waarden – die terzelfdertijd deugden zijn – tot de onze te maken: wederzijds respect, broederlijkheid en solidariteit, wederzijdse ondersteuning en tenslotte van de liefde, die zich verheft boven elk ander principe en deugd. Dat heeft ook zo zijn gevolgen op een breder maatschappelijk draagvlak.

Tot slot, kunnen we niet anders dan vaststellen dat de secularisatie, de globalisering en de spirituele verarming elk hun aandeel hebben in een reeks zeer ernstige problemen, die op hun beurt geleid hebben tot de hedendaagse crisis van de mens.

Anderzijds heeft de moderniteit – via de secularisatie, de scheiding van Kerk en Staat en het heersen van de universele rede en het autonome individu – de plaats van het Christendom en van de Kerk in vraag gesteld. Dit maakt dat er een enorme dorst is naar betekenis, naar het sacrale, naar waarden, naar veiligheid, naar menselijke warmte, naar broederschap, naar een luisterend oor en naar hoop.

Wat onze verantwoordelijkheid over Gods schepping betreft, neemt in Europa gelukkig het besef toe over de uitputting van de natuurlijke rijkdommen en wordt er steeds meer gerecycleerd. Tot grote vreugde van de Oecumenische Patriarch Bartholomeos herneemt het ecologisch bewustzijn zich en groeit weer het respect voor mens en milieu. Ascese en vasten kan ons helpen onze voetafdruk op de planeet te verminderen en te bouwen aan een meer duurzame en rechtvaardige wereld. Ook de internationale gemeenschap kan daarop toezien, maar al te vaak genieten de bedrijven de grootste steun omdat de economie nog altijd voorrang krijgt op de ecologie, omdat de handelsakkoorden belangrijker zijn dan de ontwikkelingssamenwerking.

Zoekend naar herkenbare referenties in het economische denken en handelen die we kunnen karakteriseren als een spiritueel goed, komen we wellicht tot een kwaliteit als soberheid. De soberheid is altijd al in het hart geweest van de christelijke ethiek. Ze was er om de sociale veranderingen van de tijd te trotseren, maar had ook een eschatologische dimensie: namelijk als anticipatie van het goddelijke leven, waarbij ze vooral ruimte laat voor de spirituele goederen, in tegenstelling tot alleen maar aardse materiële goederen.

Wat ik wel nog kwijt wil, is dat in ons land en met name ook in Vlaanderen, de Orthodoxe Kerk een Kerk is die groeiend is. Er komen steeds meer orthodoxe christenen zich in ons land vestigen. Maar er zijn ook heel wat mensen die de Orthodoxie ontdekken en willen opnemen als levenswijze. Vandaar ook dat er alsmaar en overal nieuwe parochies ontstaan. Wat we willen vermijden is dat de orthodoxe parochies getto’s vormen, vandaar ook de relevantie van deze Parochie, die wilt dat de orthodoxe christenen, van welke origine ook, zich kunnen integreren in een gezamenlijke parochie, waar de lokale taal aangewend wordt voor de liturgische diensten.

Naast de Liturgie wordt hier ook gewerkt op catechetisch vlak, is er een pastoraal en sociaal dienstbetoon, en wordt er actief meegewerkt aan het ideaal van de éénheid van de christenen, aan de Oecumene en de dialoog met andersdenkenden.

Ik dank u!

TOESPRAAK AARTSPRIESTER BERNARD PECKSTADT

BIJ DE INHULDIGING VAN DE KERK
KYRILLOS EN METHODIOS

BRUGGE – 9 februari 201

 

Het is me een grote vreugde u hier te mogen verwelkomen in deze kerk, toegewijd aan de HH. Kyrillos en Methodios, apostelen der Slavische volkeren.

Onze orthodoxe parochie zag het levenslicht in 2001. In de beginjaren hielden we onze diensten op verschillende plaatsen, in de anglicaanse kerk in de Langestraat, in de protestantse kerk in de Velodroomstraat en tenslotte in de Eufrosina Beernaertstraat, waar we een appartement op de gelijkvloers verdieping tot een kleine kapel verbouwden.

Daar vierden we gedurende tien jaar de liturgie. Steeds bleven we dromen van een eigen kerk, een droom die we deelden met de deken van de stad Oostende, E.H. Antoon Wullepit, en met de voormalige schepen, mevrouw Hilde Veulemans. Onverhoopt, maar heel snel kwamen we drie jaar terug tot een overeenkomst om deze voormalige Sint-Godelievekerk te herbestemmen tot een orthodoxe kerk.

Dit gebouw had een grondige renovatie nodig. Het dak van de kerk werd een vijftal jaar geleden volledig vernieuwd, maar de technische installaties waren aan vernieuwing toe.

In 2016 werd een renovatiedossier opgemaakt door het architectenbureau Bressers uit Gent. De oude verwarmingsinstallatie werd vervangen door een nieuwe en modern systeem. De elektriciteit werd aan de nieuwe normen aangepast. Van meet af aan wilden we de eigenheid van de constructie van deze kerk behouden.

Met enig trots durven we stellen dat we in dit opzet geslaagd zijn: we hebben de katholieke kerk niet weggegomd, maar er middenin een nieuwe kerk ingeplant, die conform de tradities van de orthodoxe kerk is. De renovatiewerken hebben anderhalf jaar geduurd. Op de zondag voor Kerstmis werd hier de eerste orthodoxe Goddelijke Liturgie gevierd.

Wanneer men een orthodox kerkgebouw binnentreedt, springt onmiddellijk de iconostase of iconenwand in het oog, die het heilige der heiligen van het schip van de kerk afscheidt. Voor het ontwerp van deze iconostase tekenden Metropoliet Athenagoras,  vader Nikolaos van het klooster van Dionysios op de Heilige Athosberg, de houtbewerker Georgos Oikonomidis en ikzelf. We kozen om esthetische redenen voor de vroegbyzantijnse tempelvorm, die esthetisch goed in het bestaande kerkgebouw past: een eenvoudige iconostase met panelen en zuilen, die met haar symbolische decoratieve motieven de theologische betekenis van de iconostase benadrukt.

Het eerste paneel met de polystavria(“multi-Kruis”) is een kopie van een marmeren paneel uit de 10de eeuw, dat bewaard wordt in het museum van het Dionysiosklooster.

Op het tweede paneel is een Kruis met cipressen gesculpteerd, geïnspireerd op een ivoren triptiek uit de 11e eeuw. Ook de zuilen zijn naar Byzantijnse voorbeelden gemaakt.

Op de epistylisis een wijnrank afgebeeld, die verwijst naar Christus’ woord: “Ik ben de Ware Wijnstok”. Deze epistylis loopt horizontaal over de hele lengte van de iconostase in een voortdurende golving met een eenvoudig Byzantijns kruis als symbolisch hoogtepunt. De iconostase is in een atelier in Thessaloniki in Griekenland met de hand uit massief eikenhout gesneden.

De indrukwekkende iconen in de iconostase werden geschreven door een Griekse iconograaf Georgios Tsitiklis. De Koninklijke Poort symboliseert de toegang naar het Koninkrijk Gods of het Hemelse Paradijs en is het beginpunt van onze redding met de Verkondiging van het Evangelie aan de Moeder Gods door de aartsengel Gabriël.

Rechts van de Koninklijke Poort zien we de icoon van Christus als Heerser van het heelal en links de icoon van de Moeder Gods. Naast de Christus en de Moeder Gods zijn op de zijpoorten de aartsengelen Michaël en Gabriël afgebeeld. Ze worden weergegeven als mededienaren bij het vervullen van de Goddelijke mysteriën, maar ook als militaire garde bij de ingang van de Hemel. Rechts van Christus is er de icoon van de Heilige Voorloper Johannes de Doper. Links van de icoon van de Moeder Gods vind je de icoon van de patroonheiligen van de kerk, de HH. Kyrillos en Methodios, apostelgelijken en verlichters van de Slavische volkeren; ze zijn ook de patroonheiligen van Europa. Het waren twee Griekse broers uit Thessaloniki, die op vraag van de heerser van Moravië, Rostislav, uitgezonden werden om zijn volk te instrueren in het christendom. Met dat doel voor ogen hebben ze de Bijbel en alle liturgische teksten naar het Slavisch vertaald.

De fresco’s van onze kerk zijn geschreven door Athanasios Voutsinas en zijn nicht Elena Voutsinas. Ze gebruikten voor het schrijven van deze fresco’s een nieuwe techniek, waarbij ze de fresco’s in hun atelier op doek schilderden. Het kostte hen maar drie dagen om de fresco’s op te hangen en er de laatste hand aan te leggen. In de absis van het Heiligdom ziet u de Moeder Gods van het Teken, die symbool staat voor de kerk. Op deze icoon houdt de Moeder Gods haar armen in gebed omhoog, met het Jezus-Kind afgebeeld in een medaillon.

Daaronder zijn enkele kerkvaders afgebeeld: de Heilige Johannes Chrysotomos, aartsbisschop van Konstantinopel, de Heilige Basilios de Grote, aartsbisschop van Caesarea in Cappaodicië, de Heilige Methodios, en de Heilige Ignatius de Theofoor. Zij worden getoond als liturgen, die de Goddelijke Liturgie met ons meevieren. In de vier zijnissen plaatsten ze de Heilige Nectarios, de Heilige Lucas Bisschop van Symferopoulis en geneesheer, en de Heiligen van onze gewesten Amandus en Servatius.Boven de voorbereidingstafel is de lijdende Christus afgebeeld en aan de andere kant een icoon van de oudtestamentische koning Melchisedek.

Ook op de zijmuren van de kerk zijn er nog enkele iconen: rechts in het midden de icoon van de Heilige Apostel Andreas, de Eerstgeroepene, met wie we de link leggen met het Oecumenisch Patriarchaat van Konstantinopel, onder wiens jurisdictie ons Aartsbisdom en deze Parochie vallen. De Apostel Andreas was de stichter van de Kerk van Byzantium; onze Oecumenische Patriarch is de rechtstreekse opvolger van de Heilige Apostel Andreas. Komt daarbij dat onze parochie ontstaan is vanuit de orthodoxe parochie van Gent, toegewijd aan de Heilige Apostel Andreas.

Rechts vooraan zie je de Heilige Fokas, die één van de eerste bisschoppen was van de havenstad Sinope en er vereerd werd als de beschermheilige van de zeevaarders. Met hem is de link naar Oostende gelegd. En tenslotte, de heilige Amalberga of Amalia en de Heilige Godelieve van Gistel, die herinnert aan deze voormalige kerk.

In het midden van de kerk hangt de grote luchter of polyeleos, wat in het Grieks “vol van barmhartigheid” betekent.

Op bepaalde momenten tijdens de liturgische vieringen brandt ze krachtig, op andere momenten amper of niet. Deze luster is gemaakt uit massief koper en heeft een gewicht van 250 kg. Rondom de luster zijn zestien iconen aangebracht: aan de binnenkant acht profeten en aan de buitenkant vijf apostelen.

Aan de preekstoel hangt een apart verhaal. Ze komt uit een klooster in Langerbrugge bij Gent. Daar woonde mijn grootvader, André Peckstadt; hij ging iedere dag bij de zusters naar de mis. Hij was er ook voorzitter van de kerkfabriek. Toen het klooster opgeheven werd, moest de preekstoel er weg. De zusters vonden dat ze bij de familie Peckstadt moest blijven. We hebben er eindelijk een passende bestemming voor gevonden.

Ook de bisschopstoel en de antitroon zijn uit eik vervaardigd. De drie trappen symboliseren de drie graden van het priesterschap: diaken, priester en bisschop

Deze kerk was echt te groot voor onze parochie. Een schuifwand deelt het oude schip daarom in twee. De ruimte achteraan de kerk is ingericht als parochiezaal, waar we de agapen of broedermaaltijd gebruiken na de diensten. <Ook de catecheselessen of voordrachten gaan er door. We hebben er een keuken en de nodige bergplaatsen geïnstalleerd, en ook een winkeltje voor de verkoop van iconen en religieuze boeken, en tenslotte een klein bureau voor de priester.

U merkt het: bij alles wat we hier gerealiseerd hebben, hielden we rekening met de traditie van onze Kerk, in respect voor de eigenheid van deze kerk. Onze parochiegemeenschap is overgelukkig met deze realisatie. Wij durven dan ook hopen dat deze parochie verder mag groeien ten dienste van de vele orthodoxe gelovigen hier in Oostende en in de omliggende gemeenten.

Deze kerk zal ook steeds openstaan voor andersgelovigen en graag meewerken aan de vele initiatieven die in Oostende ontwikkeld worden, als daar zijn Profundo, de Heilige Huisjes, de actie Open Kerken. Tenslotte zijn wij ervan overtuigd dat deze Kerk voor de provincie West-Vlaanderen en voor de stad Oostende een belangrijke verrijking is voor het maatschappelijke weefsel en voor het kunstpatrimonium van deze stad.

 

Ik dank u.

 

Toespraak van E.H. Deken Antoon Wullepit

Geachte Genodigden,
In bijzonder Emminentie Metropeliet Athenagoras,
Mevrouw de Deputé van de provincie
De heer oud Gouverneur
Het plaatselijke bestuur van Oostende: Burgemeester en Schepenen
Mijn goede vrienden en collega’s, de priesters Vader Bernard, Vader Andreas en Vader Bart,
allen hier aanwezig.

 

Het is mij een eer hier, op deze plechtige inhuldiging, het woord te mogen voeren.

Het is nu reeds een viertal jaar terug dat vader Bernard mij na een oecumenisch gebed sprak over een bijzondere zorg vanwege de Orthodoxe kerk. Hun bidplaats in de Euph. Bernaertstraat werd niet langer veilig bevonden en als plaats van samenkomst aanvaard. Het moet gezegd: In die jaren was er  volop discussie rond een mogelijke herbestemming van kerkgebouwen van de kath. Eredienst. Onze bisschop Mgr. J. De Kesel en ook de Minister President van de Vlaamse Gemeenschap hadden die vraagstelling reeds uitvoerig in het midden gebracht.

Het deed me denken aan de H. Godelievekerk. De gemeenschap, die er wekelijks samenkwam voor de liturgie, was klein geworden, de afstand van andere kerkgebouwen niet zo bijzonder groot. Wel was het een comfortabele ruimte, modest van grote en van inkleding. Een zeer praktische ruimte.

De parochie H. Godelieve was nog niet zo oud. De kerk werd ingewijd in 1939, juist voor de oorlog, toen wat overhaast om haar te behoeden van een mogelijke bezetting door het leger, en in 1959 werd het een zelfstandige parochie, los van Mariakerke, Maria Koningin.

Een beslissend element in heel dit denkproces was toch de openheid en de zin voor verantwoordelijkheid van de Kerkfabriek – in het bijzonder van de huidige erevoorzitter Mr. Gilbert Van Geyt, hier aanwezig. Dat er een vraag was vanwege de Orthodoxe kerk, in een oecumenische openheid,  en dat het een gebedsruimte zou blijven bevorderden zeker de welwillende sfeer bij de gesprekken. Met de steun van de stad, met name de toenmalige schepen voor Kerkfabrieken Mevr. Veulemans, werden alle partijen samengebracht, ook de kerkfabriek van Maria Koningin, die grotendeels eigenares van het gebouw gebleven was.

Een iets wil ik nog bijzonder in de aandacht brengen en stellen dat men er vanuit de parochie H. Godelieve zeer dankbaar voor is. De gelovigen drukten immers bij de bevraging hun gevoeligheden uit bij zo’n overdracht: dat hun ouders in deze kerk begraven werden, dat ze er gedoopt werden en zelfs hun huwelijk hadden gevierd. En velen dachten terug aan de jaarlijkse feestelijkheden die met inzet van zovelen werden opgezet. Vader Bernard zei:  “De mensen zullen en welkom blijven. We zullen de gedachtenis aan de H. Godelieve in ere houden en er zal blijvend een kaarsje kunnen ontstoken worden”.  Maar toen we hier de nieuwe Icoon van de H. Godelieve mochten ontdekken waren we toch zeer aangenaam verrast en zelfs wat ontroerd.

Beste genodigden, wij,  vanwege de Katholieke Kerkgemeenschap, hopen dat het een gezegende plaats van gebed en van Goddelijke Liturgie mag blijven, we zijn blij om de mooie en respectvolle herinrichting van het kerkgebouw, en we zijn bovenal dankbaar om alle tekenen van oecumenische gastvrijheid en van vriendschap, die er nu al zijn en die ons ook blijvend zijn toegezegd. Ik bid om Gods zegen over jullie allen.

Deken Antoon Wullepit